Geschiedenis van de stad Emsdetten
In de loop van de eeuwen moest de plaats Emsdetten in tijden van oorlog (Spaans-Nederlandse oorlog 1568-1648 en de dertigjarige oorlog 1618-1648) herhaaldelijk aanvallen van rondtrekkende groepen soldeniers trotseren. Ook epidemieën lieten hun sporen achter. 1580 leidde de pest bijna tot het volledig uitsterven van het dorp. Bovendien werd in 1688 een deel van het lokale centrum door een grote brand vernield.
Ook de agrarisch weinig winstgevende zandige grond en het geringe grondbezit maakte het voor de mensen niet gemakkelijk.
De gezinsleden van de kleine boeren en keuterboeren hielden zich thuis meestal met ambachtelijk werk bezig, om in hun levensbehoeftes te voorzien.
Zo maakten de korfvlechters (Wannenmacher) platte, van wilgen gevlochten manden, die voor de reiniging van het uitgedorste graan in de landbouw gebruikt werden. Sinds de 16de eeuw vormen de korfvlechters (Wannenmacher) een eigen gilde.
Tot de industrialisering van Emsdetten in de tweede helft van de 19de eeuw werd het economisch karakter van Emsdetten sterk door de korfvlechterij (Wannenmacherei) bepaald.
Door de achteruitgang van de inheemse vlasteelt waren de kooplui genoodzaakt het benodigde linnen garen van buiten te betrekken en handwevers ter beschikking te stellen. De wevers raakten hun posities als zelfstandige producenten kwijt en werkten in plaats daarvan steeds vaker tegen stukloon voor de kooplui.
Tot 1803 behoorde Emsdetten tot het vorstendom Münster. Na het Weense Congres 1815 behoorde Emsdetten officieel tot het Koninkrijk Pruisen.
Met het openen van het spoorlijn Münster-Rheine-Emden in juni 1856 was een belangrijke voorwaarde geschapen voor de industriële ontwikkeling van Emsdetten en de snelle aangroei van de plaats. De ondernemers van de eerste industrialiseringsfase stamden af van families van de inheemse textielkooplui en uitgevers.
Sinds de jaren 80 van de 19de eeuw stapten sommige textielondernemers over op de verwerking van jute. In 1890 werd de eerste jutespinnerij in bedrijf genomen; na 1900 ontwikkelde Emsdetten zich tot het centrum van de Westfaals (Westfälischen) Juteindustrie.
Na de economische instortingen door de eerste en tweede wereldoorlog, en de economische wereldcrisis (1929-1932), herstelde zich de Emsdettener Textielindustrie in de jaren 50. Emsdetten werd het Westduitse Jutecentrum.
De ingrijpende veranderingen in de gehele textielindustrie tijdens het volgende decennia introduceerden een om zich heen grijpende structuurverandering van het productiepalet van Emsdettense bedrijven. Verwerking van kunststof en metaal kwamen als nieuwe industrietakken erbij.
thumb_image_1149072709142
Overzicht van de geschiedenis
| 1200 v.Chr. | vestigden zich de eerste bewoners in de Emslaagte |
| 1178 | wordt de plaats met de naam “Thetten” voor de eerste keer in de oorkonden gedocumenteerd |
| 1498 | telt “Detten” aan de Ems met zijn omliggende zeven boerenbedrijven rond de 650 inwoners |
| 1645 | wordt de gildeordening van de korfvlechters (Wannenmacher) opnieuw bevestigd |
| 1856 | ontstaat het eerste fabrieksgebouw (Vlasmachinespinnerij) |
| 1861 | worden de eerste mechanische weefstoelen geplaatst |
| 1938 | kreeg Emsdetten de benaming “stad” toegekend (17.000 inwoners) |
| 1969 | wordt “Hembergen” ingelijfd |
| 1972 | Begin van de stadskernsanering |
| 1988 | viert de stad haar 50-jarig stadsjubileum |














